Terugblik op de Giro 2006 ...

De Giro zit erop en maken we de balans op. Dat doen we per ploeg en zullen hier en daar enkele renners individueel nader belichten. Dat we het Giro-rapport per ploeg opstellen is simpelweg te verdedigen: de ploeg is onmisbaar, zonder ploeg kan geen enkele renner tot resultaten komen en met de ploeg spreekt met tactiek en strategie af. Houdt bij het lezen van het rapport het volgende in gedachte: Ploegen die de Giro tot doel hebben gesteld en ambitie uitgesproken hebben zullen onderstaand zwaarder gewogen worden dan de ploegen die de Giro vooral als verplicht nummertje op het programma hebben staan. Het verklaart dat AG2R een hoger rapportcijfer krijgt dan bijvoorbeeld Lampre.

CREDIT AGRICOLE (5) - Het is lastig om Franse ploegen in de Giro een onvoldoende te geven om het simpele gegeven dat ze om begrijpelijke redenen weinig belang aan de Giro hechten. Elke mooie uitslag is dan mooi meegenomen maar Credit Agricole bakt er maar weinig van. Met enige belangstelling keken we uit naar de prestaties van Bellotti maar die was al snel leeggereden, Botcharov was wat van slag en mengde zich plots in massasprints en Halgand kan als enig lichtpuntje bestempeld worden door na zijn door blessures geplaagde voorseizoen weer op acceptabel niveau te rijden en als beste Agricole-renner als veertiende de eindigen in het klassement. Vermeldingswaardig is wel dat Credit  Agricole met negen renners de Giro uitrijdt maar dat verleidt ons niet de ploeg een voldoende te geven. Hun prestatie en resultaten zijn te ronduit zwak te noemen.

AG2R (7) - Het was de eerste deelname aan de Giro d'Italia voor deze Franse ploeg en ze deden het zeker niet onaardig. Vaitkus bleek de sterkste in een sprint met tegenwind in Termoli, Calzati was zowat bij elke ontsnapping betrokken, Dupont reed een korte uitslag naar Peschici en de opvallendste prestatie was die van de veldrijder John Gadret, die helaas door de gevolgen van een val de koers moest verlaten. Maar de zevende positie in La Thuile, vijfde op Monte Bondone en zesde op de Furcia pas blijven ons zeker bij. Zijn tijdrijden zal moeten verbeteren wil hij ooit eens voor een klassement willen rijden. Dupont is de beste AG2R-renner in het eindklassement met een 32e plek. Naibo bezet de laatste plek maar het getuigt van doorzettingsvermogen dat hij de Giro uitgereden heeft.

BOUYGUES TELECOM (5) - Bouygues Telecom komt met enigszins lange gezichten naar de Giro en veel valt er over hun rijden en prestaties niet te melden. Sebastian Chavanel en Flickinger konden zich niet mengen in de massaspurts, Labbe en Bonnaire zaten wel eens mee in een ontsnapping en Lefevre toont zich zoals verwacht de beste van de ploeg zodra het bergop gaat maar om over naar huis te schrijven is het allemaal niet. Stef Clement verrast wel in positieve zin door zijn twaalfde plek in de lange tijdrit van 50 kilometer. Met de 51e plek is lefevre de beste Bouygues-renner in het klassement.

COFIDIS (6) - De de intrede van de Pro Tour is voor Cofidis deelname aan de Giro verplichte kost geworden en de ploeg heeft er enkele renners speciaal voor aangetrokken. Door de verdiende overwinning van Verbrugghe in Saltara haalt Cofidis net een voldoende. Scheirlinckx rijdt enkele dagen in de bergtrui maar moet de Giro verlaten door de gevolgen van een val. De Italianen Bertagnolli en Moreni vallen ronduit tegen, Parra Pinto kan niet brengen wat hij vorig jaar bracht. Enig positief puntje is Duque die drie weken koers goed blijkt aan te kunnen en zich in enkele etappes om de dagzege kan strijden. Beste Cofidis-renner in het klassement is Parra Pinto met een zestiende plek.

FRANCAISE DES JEUX (7) - Francaise des Jeux komt zowat met hun sterkste ploeg aan de start en dat is bewonderingswaardig. Maar met het oog op de Tour de France is het ook verstandig dat ze hun kopmannen niet over de kop jagen en en hen enkele ritten laten uitkiezen. McGee keerde zichzelf naar eigen binnenste buiten tijdens de proloog in Seraing, maar hij was niet opgewassen tegen de overmacht van Savoldelli. Delage reed zich netjes in de kijker, onder andere bij een tussensprint die geen tussensprint bleek te zijn. Gilbert strijdt mee om de dagzege in Namen, Hotton en Termoli. Als ploeg blijft Francaise Des Jeux een geoliede machine getuige vijfde plek in de ploegentijdrit, Larsson haalt de top10 in de lange individuele tijdrit. Enigszins verrast zijn we door Sandy Casar. Door een lange ontsnapping naar Domodossola en de daar behaalde tijdwinst nestelt hij zich in de top 10 en weet die door groeiende vorm in de derde week met verve te verdedigen. Een uiteindelijk zesde plek in het klassement is zijn deel. Een dikke 7 als waardering.

CAISSE D'EPARGNE (7) - Een leuke ploeg en erg aanvallend. Zo willen we er meer zien! Het begint al met de zesde plek van Fran Perez in de proloog, een prestatie zie hij in de rit naar Domodossola verbetert met een tweede plek waar hij zich wel enigszins schlemielig laat piepelen door Laverde. Caisse d'Epargne moet het wel van de overgangsetappes hebben want voor de sleutel-etappes komen ze kwaliteit te kort. Horrach wint in Sestri Levante door in de finale op kousenvoeten van zijn medevluchters weg te rijden. Efimkin dient enkel Pellizotti voor te laten bij de typisch Italiaanse aankomst in Peschici. In die etappe zat de ploeg met maar liefst vier renners in de vluchtersgroep! Naar Gemoni del Friuli dingt Ivan Gutierrez mee naar de kussen van de miss maar weet zich geklopt door Schumacher. Gutierrez wordt wel beste Caisse-renner in het klassement met een 24e positie. Kopman Fertonani valt tegen. Ondanks dat hij zijn voorbereiding helemaal op de Giro kon afstemmen schitterde hij door afwezigheid en verliet de Giro vroegtijdig. Maar een mooie 7 als waardering kan deze Frans-Spaanse-aliantie boven hun bed hangen.

LIBERTY SEGUROS / WURTH (5) - Geplaagd door nieuwsberichten uit Spanje waar ploegleider Saiz en ploegarts Fuentes zijn gearresteerd is de moraal in het team tot het vriespunt gedaald. Zapatero is de vermeende codenaam voor Michele Scarponi op de gevonden zakjes bloed bij Fuentes. Zonder opgaaf van reden verlaat Scarponi de Giro in de  ochtend volgend op de arrestatie van Saiz. Yakovlev weet in een etappe op de derde positie te eindigen en Caruso weet de meubelen voor Liberty Seguros met een redelijke twaalfde plek in het eindklassement te redden. Liberty Seguros trekt zich als sponsor uit het wielrennen terug. De toekomst van de ploeg is echter ongewis al is door Liberty beloofd de renners dit jaar gewoon salaris te betalen.

EUSKALTEL (6) - De Basken krijgen een voldoende omdat er nog net aan de verwachtingen voldaan wordt en die verwachtingen waren niet erg hoog. Iker Flores laat zich goed zien in enkele ontsnappingen, Koldo Fernandez rijdt enkele keren top10 in de massasprints, kopman Laiseka valt helaas uit na een zware val en wellicht dat een toekomstige klassementsrenner zich heeft gemeld in de vorm van David Lopez Garcia. Deze jonge Bask zit in enkele ontsnappingen mee en eindigt bijvoorbeeld netjes tiende op de Monte Bondone. Beste Euskadi in het klassement wordt Iker Flores met een 34e plaats.

RABOBANK (4) - Matig tot slecht is de prestatie van de enige deelnemende Nederlandse ploeg. De bankiers hadden drie troeven die allen stuk voor stuk door de mand vielen. Kopman Ardila Cano werd speciaal voor de Giro aangetrokken en hij kreeg alle ruimte zich in Colombia voor te bereiden. Maar al snel was duidelijk dat zijn vorm sterk te kort schoot. De -aangekochte sprinter Brown kon in de sprintetappes geen enkele rol spelen en mag wellicht al als miskoop bestempeld worden en een grapjas bood hem tijdens de Giro op marktplaats.nl te koop aan. Van Theo Eltink kon eigenlijk niet verwacht worden dat hij de Giro voor de ploeg zou redden maar zelfs een korte etappeuitslag zat er voor de wesp uit Westelbeers niet in. Een vijfde plek voor Eltink in de etappe naar Peschici was het hoogtepunt voor de ploeg. Een 53e plek in het klassement is zijn deel.

PANARIA (7) - Als Professional Continental Team mocht Panaria op basis van een wildcard deelnemen aan wat het hoogtepunt van het seizoen genoemd mag worden. Panaria is bij elke discipline in ruime getalen van voren te zien geweest, met uitzondering van de tijdritten waar ze volledig zijn weggeblazen. De Argentijn Richeze toont zich capabel meerdere malen top10 in een spurt te kunnen halen, Mazzanti toont zich gedreven in geaccidenteerde finales en zelf bij bergaankomsten toont hij zijn mannetje, Filipe Laverde verrast zichzelf en iedereen door een etappe te winnen in Domodossola, het Mexicaantje Perez Cuapio is zijn klimmersbenen nog niet kwijt en kan met de besten mee bergop, enkele malen in de top10 eindigend, Baliani strijdt lang mee om de bergprijs en Emanuele Sella had met gemak een top10-notering kunnen halen, waren het niet dat de gevolgen van twee valpartijen naar Sestri Levante hem in de volgende etappes dermate hinderden om niet veel tijd te verliezen. Luca Mazzanti wordt de beste Panaria-renner in het klassement met een 20e positie.

SELLE ITALIA (5) - De ploeg van Gianni Savio in veelvuldig in beeld geweest maar niet bepaald door sportieve prestaties. Het klikte al het hele voorjaar niet tussen de ploegleiding en kopman Jose Rujano en diens afstappen op de Colle del San Marco mag als twijfelachtig hoogtepunt in de Giro bestempeld worden. Het is niet geheel duidelijk of de Venezuelaan niet verder kon rijden of niet verder wilde rijden. Dan moest de oude Belli de meubelen maar redden en lang leek hij daartoe ook in staat te zijn, totdat een spierverrekking in de knie hem op de voorlaatste dag tot opgave dwong. Missaglia en Illiano toonden aan een neusje voor de juiste ontsnapping te hebben en zaten vaak mee. Zonder succes weliswaar. Serpa's motortje is nog wat te licht maar Alberto Loddo toont dat zijn motor in de massaspurts goed genoeg is om voor de dagzege te kunnen meedingen. Een derde plek is zijn beste resultaat. Beste Selle-Italia-renner in het klassement wordt Serpa op 31.

GEROLSTEINER (7,5) - Met drie etappezeges en enkele dagen de maglia rosa in het bezit van Stefan Schumacher mag de Giro voor de Gerolsteiner formatie tot een succes betiteld worden. De ploeg reed vorig jaar kleurloos rond in deze ronde maar voelt er zich dit jaar duidelijk beter thuis. Op de citadel van Namen wist naast Schumacher ook Rebellin het etappepodium te bereiken, de ploegentijdrit was gedegen, Krauss zat enkele keren goed mee in een ontsnapping en Foerster roerde zich in de massaspurts en wint in Milaan. In het klassement speelt Gerolsteiner totaal geen rol. Matthias Russ is de best geplaatste op de 74e plek met een achterstand van 2 uur, 26 minuten en 31 seconden. Schumacher heeft echter verklaard volgend jaar een beter klassement te willen rijden als hij goed uit de Ardennenklassiekers komt. Ambitieuze jongens daar in Gerolstein. Daar houden wij van!

MILRAM (5) - Doordat Petacchi met een gebroken knieschijf vroegtijdige uitviel was de ploeg al vroegtijdig onthoofd van zijn kopman. De overgebleven ploegmaats toonden echter veerkracht maar wie ze ook als kopman in de spurts uitspeelden, resultaten werden er niet geboekt, ongeacht of het nu Lorenzetto, Ongarato of Rigotti was. Ghisalberti's optreden in Romandie blijkt echter geen incident geweest te zijn. In de bergetappes kon de Italiaan goed mee maar wel duidelijk op het tweede plan. Een 21e positie in het eindklassement is zijn deel en daar zal hij vast tevreden mee zijn. We kijken uit naar wat Ghisalberti in de toekomst gaat brengen.

LIQUIGAS (6) - Met grote ambities stond Liquigas op het startblok in Seraing. Danilo Di Luca eindigde vorig jaar vierde en zou dit jaar eens voluit voor het klassement rijden met als doel de Giro te winnen. Een hoogtestage in Toluca in Mexico en een voorseizoen dat enkel in voorbereiding van de Giro stond blijken echter niet het gewenste resultaat te hebben. Di Luca kan nooit overtuigen, mist de explosiviteit die zo kenmerkend voor hem is en eindigt kleurloos 23e in het klassement. Schaduwkopman Cioni zakt al even snel door het ijs al had die in Romandie blijk van vorm gegeven te hebben. De ploegentijdrit geeft echter tekenen van hoop, waar de ploeg vierde wordt. Liquigas redt haar gezicht door de knechten die boven zichzelf uitstijgen. Andrea Noe, de oude krijger, is het klimmen nog niet verleerd en Wegelius beproeft zijn geluk in ontsnappingen maar bovenal steekt de prestatie van Pellizotti daar boven uit. Met riwinst in het mooie Peschici, enkele top10 noteringen in bergetappes en een achtste plaats in de eindranking mag Liquigas zich met een man als Pellizotti in de gelederen een tevreden ploeg noemen, al hadden ze wellicht gehoopt op meer. Pellizotti zakte er al vroeg door in de klim van de Mortirolo dus de Giro duurt net lang genoeg.

LAMPRE (4) - De ploeg werd volledig in dienst gesteld van winnaar van 2004, Damiano Cunego die vorm had getoond in de voorbereidingswedstrijden. De ambities waren hoog, voor minder dan eindwinst werd geen vrede genomen. Cunego kon bergop aardig mee, overtuigend was hij geenszins en dat bleek al bij aankomsten als Namen, Saltara en Sestri Levante die op zijn lijf geschreven zijn. Ondanks zijn ploeg hard voor hem te hebben laten werken, schittert de kleine prins door afwezigheid en donkere wolken verzamelden zich boven de ploeg van Martinelli. Welgeteld één aanval van Cunego hebben we mogen aanschouwen op de Passo Lanciano. Haast wanhopig werd in de laatste week tevergeefs geprobeerd een etappezege te boeken middels vluchtpogingen van Valjavec, Vila, Petrov en Bruseghin maar gezien de ambities en intrinsieke kwaliteit mag deze Giro als zwaar onvoldoende bestempeld worden en geeft de vierde plek van Cunego in de eindranking een vertekend beeld. Onacceptabel en beneden maats wat mij betreft.

DISCOVERY CHANNEL (6) - Gezien de ambitie van de ploeg heeft men het bij Discovery Channel niet slecht en ook niet bijzonder goed gedaan. De ploeg kwam uit de startblokken geschoten in Seraing waar Savoldelli iedereen naar huis reed en op overtuigende wijze de proloog won. Daarmee was het hoogtepunt van de prestaties van de ploeg een feit en reed men vanaf dan eigenlijk achter de feiten aan. Savoldelli mocht nog enkele dagen in de maglia rosa rijden en hij won nog wat tijd met de tweede plaats in Saltara, maar in de sleuteletappes stond de ploeg volledig in de schaduw van CSC en Saunier Duval. Bergop kon Savoldelli niet met de besten mee maar wist de schade wel steeds te beperken om uieindelijk als vijfde in het klassement te eindigen. Van Danielson werd ook een top10 notering mogelijk geacht, maar de Amerikaanse hoop die Armstrong moet doen vergeten verliet in extremis de Giro wegens bronchitis. De ploegtijdrit werd als 3e beeindigd en werd als kleine teleurstelling ervaren. De rest van de ploeg reed in dienst, al is de tweede plaats van Rubiera in Namen zeker ook noemenswaardig. De Spanjaard werd netjes dertiende in het klassement.

T-MOBILE (7) - Net als Gerolsteiner reed T-Mobile vorig jaar wat verloren rond in de Giro. Met een sterkere ploeg dan verleden jaar tracht de nieuwe sportdirecteur ook van de Giro een doel te maken al zij het dat de ronde wel in het teken staat van de Tour de France. De tijdritzege van Jan Ullrich in Pontedera is geruststellend voor zijn tot dan toe onduidelijke conditie en ook in de bergetappes kan Ullrich met de dertig besten mee. Een pijntje in de rug doet hem op twee dagen van Milaan afstappen. Een ander hoogtepunt zijn de rose truien van zowel Honchar als Pollack. Tot ritzeges kwamen zij echter niet. Pollack werd twee maal tweede in massaspurts en Honchar zag een goede eindklassering gedwarsboomd door een lelijke val die hem uiteindelijk ook de Giro zag doen verlaten. In de ploegentijdrit gaf de ploeg aan hoe het moest, maar ook hoe het niet moest want hadden de sterkeren de zwakkeren er niet collectief afgereden had men met de zegen kunnen gaan lopen. Desalnietemin een goed resultaat. Beste T-Mobile-renner in het klassement is uiteindelijk Jorg Ludewig op plaats 50.

DAVITAMON (7) - Weliswaar kan Van Huffel de hoge verwachtingen niet waarmaken, de drie overwinningen van McEwen doen de Giro voor Davitamon een succes laten zijn. Een vierde etappezege liep McEwen net mis door te vroeg in de wind te gaan zitten in Termilo. Daarmee is gelijk het hele verhaal van de ploeg verteld. Van Huffel kon niet overtuigen maar zakte ook niet helemaal weg en mag zich uiteindelijk nog 17e in het klassement.

QUICK STEP (8) - Net wat vaker en nadrukkelijker in beeld deed Quick Step van zich spreken. Na enkele mislukte pogingen in Namen en Termoli wist Bettini in Brescia een etappe te winnen. Dient ook gezegd, vooral ook door afwezigheid van topspurters. Maar de overwinning is er niet minder mooi om en Bettini wilde meer. Tot in Milaan dienden er punten voor de puntentrui verzameld te worden en hierin slaagde Bettini wonderwel. Ook in de bergen en het klassement doet Quick Step van zich spreken en dan met name door de Spanjaard Garate. Op de Passo Lanciano, de tijdrit en de rit naar La Thuile verliest hij weliswaar vele minuten, van dan af groeit zijn vorm en weet zich in de klim naar Passo di San Pellegrino de sterkste van een kopgroep, waar Jens Voigt zich schappelijk toont door de rit niet (onverdiend) van hem af te snoepen. En passent neemt Garate de bergtrui mee naar Belgie. Baguet, Van De Walle en Engels waren veelvuldig in beeld, werkend voor hun kopmannen. Engels laat overigens een ritoverwinninbg jammerlijk schieten, Davide Bramati zwaait na de Giro af en neemt in de Tour de Suisse plaats in de volgauto. Best geplaatst in de eindranking is Garate op plaats zeven.

PHONAK (8) - Als u zich afvroeg wat de typische classics-renner Elmiger in de rit over de Gavia en de Mortirolo zo ver van voren reed kunnen wijk u het antwoord geven. Phonak was leider in het ploegenklassement en de ploeg was er veel aan gelegen dit klassement ook na de rit nog aan te voeren en hierin slaagde de ploeg dan ook. Het levert de ploeg wat publiciteit maar vooral ook Pro Tour punten op. Grote verrassing van deze Giro is het korte klassement dat Jose Enrique Gutierrez Cataluna weet te rijden. Waar wij Pena Grisales als eerste klassementrenner hadden genoteerd, stijgt Gutierrez waarschijnlijk ook tot zijn eigen verbazing boven zichzelf uit en verzaakt niet in het zware slotweekend al dreigde hij tweemaal te moeten parkeren. Pena wordt enigszins geruisloos netjes negende het klassement. Wellicht voor de voorlaatste maal aan een grote ronde deelnemend was Axel Merckx, die helaas in de spannende finale naar Peschici zijn aanvallend rijden niet in winst kon omzetten. Desalnietemin en ondanks het ontbreken van een ritzege mag de Giro voor Phonak als zeer geslaagd genoemd worden.

SAUNIER DUVAL (8) - Grootste geluksvogel bij het uiteenvallen van de Sony-Ericsson-ploeg van Ferretti was de Spaanse ploeg van Saunier Duval want zij wisten Gilberto Simoni te strikken en hiermee hadden ze gelijk een potentiele winnaar van een grand tour in hun gelederen. Een haast perfecte voorbereiding en een ploeg die volledig in zijn dienst rijdt brengt Simoni tot grote hoogte, niet in het minst door fantastisch teamwork met o.a. Leonardo Piepoli die zich in de tweede week de betere klimmer weet en het teken krijgt voor eigen succes te rijden. Hierin slaagt Piepoli wonderwel door zeges in La Thuile en op de Furcia pas al dient gezegd te worden dat hij beide zeges cadeau kreeg van Basso. Simoni's Giro is geslaagd met een derde plek, hij had wellicht op meer gehoopt en ook een ritzege zat er niet in. Ook Manuele Mori reed nadrukkelijk in beeld, vooral door een grote pleister op zijn kin, een gevolg van twee kolderieke buitenlingen in de rit naar Sestri Levante. In de lange tijdrit in Pontedera weet Pinotti zich netjes als derde te kwalificeren na Ullrich en Basso. Lang niet slecht. Had Simoni nog een rit gewonnen had de ploeg een 9 gekregen, maar met een 8 zal men met tevredenheid genoegen nemen.

CSC (9) - en daarmee zijn we bij de meest succesvolle en vooral sterkste ploeg en dat is de ploeg die de eindwinnaar levert. Ivan Basso stak niet enkel met kop en schouders boven zijn concurrenten uit, nee, dat deed hij met zijn hele torso. CSC wist als ploeg de ploegentijdrit te winnen, op de Passo Lanciano rekende Basso voor het eerst solo af en tekende voor ritwinst, iets wat hij herhaalde op de legendarische Monte Bondone en tijdens de slotklim naar Aprica bezegelde hij zijn Giro winst met meer dan negen minuten voorsprong op de nummer twee, gaf hij twee etappes cadeau en droeg hij veertien dagen de rose leiderstrui. In gevaar is hij nooit geweest. Hiermee lost Basso een belofte in, een belofte gedaan aan zijn moeder op haar sterfbed: ik zal de Giro winnen. Basso was simpelweg te sterkste en zijn ploeg hielp hem daarbij tot en met Milaan. Sastre, Voigt, Gustov en Cuesta begeleidden Basso bergop. Sorensen, Lombardi, Blaudzun en Julich deden dat op de vlakkere wegen. Een hechte groep dat maar één doel voor ogen had en de rest was van ondergeschikt belang.

Bij de overmacht van Basso wil ik wel een kanttekening plaatsen. Geplaatste aanvallen van anderen weerde hij vakkundig af en de zege is meer dan verdiend. Maar Basso wil straks in de Tour ook voor winst aan de start staan. Met het oog op de Tour zou men kunnen zeggen dat Basso wellicht onnodig met krachten gesmeten heeft op de Passo di San Pellegrino, de Mortirolo en naar Aprica. Of en in welke mate hij de gevolgen hiervan zal ondervinden zal in juli blijken en dan zal de concurrentie ook sterker en talrijker zijn. Wel dient gezegd dat Basso ogenschijnlijk zonder inspanning de bergetappes afhaspelde en bewees hij vorig jaar dat een Giro-Tour-dubbel aan te kunnen. En met deze vraag sluiten we de Giro af. Het antwoord volgt in juli.

Gazzetta-man ad interim



Laatst gewijzigd op 28/05/2006 - Opmerkingen en suggesties kan je mailen naar gigabike@advalvas.be
Gigabike, jaargang 7 - Copyright: Peter Samoy & Mark Vanderwegen